Duurzaam zuivelschap: 'De keten moet actief samenwerken'

Met grote investeringen en een sectorbrede aanpak neemt FrieslandCampina in Nederland het voortouw naar een duurzamer zuivelschap. Daarvoor is nauwe samenwerking in de keten een must.
Sander de Vries (links) en Dustin Woodward.

‘Als voedingsbedrijf is het onze missie om Nederland te voorzien van gezonde en duurzame voeding, in balans met de planeet. Vanuit deze missie willen wij onze boeren een goed en eerlijk verdienmodel bieden voor nu en in de toekomst’, aldus Dustin Woodward, Managing Director FrieslandCampina Nederland. ‘We hebben te maken met twee grote ontwikkelingen. Enerzijds zien we dat de consument steeds gevarieerder wil eten en ook afwisselt met vleesvervangers of plantaardige dranken. Daar spelen we op in met onze merken, bijvoorbeeld met Valess, onze barista haverdrank van Friesche Vlag en recent de introductie van Chocomel plantaardig.’

Als FrieslandCampina willen we vooroplopen en deze transitie versnellen

Anderzijds is er de urgentie van een duurzame bedrijfsvoering. ‘Als FrieslandCampina willen we vooroplopen en deze transitie versnellen. We kiezen nadrukkelijk voor een integrale aanpak, waarbij we werken aan verbetering op klimaat (CO2-reductie) én biodiversiteit én dierenwelzijn – maar ook verpakkingen verduurzamen, plastic afval verminderen en voedselverspilling tegengaan.’

Integrale aanpak

Een sterke verbetering van de keten is alleen mogelijk als de hele sector hieraan meewerkt, en de boer een eerlijke prijs voor zijn product krijgt. Sander de Vries, Sustainability Lead NL:‘Onze integrale aanpak is ambitieus, omdat we echt op alle aspecten willen verbeteren. De komende tien jaar gaan we anderhalf miljard euro in deze klimaataanpak investeren, in ons transport, in onze fabrieken en op de boerenbedrijven. Onze doelen zijn ook beoordeeld door SBTi en bestempeld als “in lijn met het klimaatakkoord van Parijs”.’

‘Natuurlijk, we doen al heel veel’, vervolgt De Vries. ‘Zo kunnen we met de groene stroom van onze boeren alle fabrieken in Nederland laten draaien; gebruiken we duurzame, ontbossingsvrije soja en met innovatieve voeradditieven zorgen we voor minder methaanuitstoot bij onze koeien. Bij veel van deze stappen worden we gelukkig al gesteund door een aantal retailpartners die ook verder willen investeren in onze duurzaamheidsaanpak.’

Hogere prijzen

Zo’n brede aanpak kost geld. ‘Een boer kan niet groen doen als hij rood staat.’ En dus leidt de weg naar een duurzamer zuivelschap ook tot hogere prijzen voor onze producten. Veel consumenten en retailorganisaties snappen dat ook en zijn bereid die hogere prijs voor een eerlijk en duurzaam product te betalen. De Vries: ‘Het is dus belangrijk dat we in actie komen, én dat we het verhaal erachter heel duidelijk blijven uitleggen aan de retail en de consument.’

Op weg naar duurzamer zuivelschap

Woodward: ‘FrieslandCampina kan het niet alleen, we moeten met alle partners in de keten actief samenwerken. Wij nemen graag het voortouw om de sector op weg naar dat duurzamere zuivelschap te brengen, en de consument de mogelijkheid te bieden om die duurzamere keuzes te maken. Als keten moeten we samen een aantal fundamentele vragen beantwoorden; moeten we wel concurreren op keurmerken? Steunen we de Nederlandse boer door alleen voor zuivel uit Nederland te kiezen? Kunnen we een minimale standaard op duurzaamheid afspreken? Hoe brengen we meer transparantie rondom onze bijdrage aan betere producten? Zo zorgen we er samen voor dat onze voeding wordt geproduceerd op een manier die goed is voor mens, dier en natuur; mét een eerlijk inkomen voor onze boeren.’

Dit artikel is gesponsord door FrieslandCampina.

Dit vind je misschien ook interessant