Ambities van Unilever: ‘Omdat we groot zijn, heeft wat we doen echt impact’

Doelen stellen is mooi, ze concreet maken nog beter. Daarom vertaalde Unilever Benelux recent de wereldwijde duurzaamheidsdoelstellingen van het concern, om een gezonder en duurzamer voedselsysteem te creëren, door naar de lokale markt. Met een duidelijke rol voor de drie divisies Foods, Beauty & Personal Care en Home Care.
Fred van Beek, VP Sales van Unilever.

‘Paul Polman zei altijd: als je iets roept, moet je het meteen concreet maken!’, vertelt VP Sales, Fred van Beek. ‘En de markt op de hoogte houden van je stappen. Alleen zo kun je ambities daadwerkelijk waarmaken.’ Mooie woorden uitspreken kunnen we tenslotte allemaal, vervolgt hij, ‘maar zolang je daar geen concrete, en vooral haalbare doelstellingen aan hangt, blijven het ook maar woorden.’

Lokale consumentenbehoeftes

Eind vorig jaar presenteerde het levensmiddelenconcern het Future Foods-programma, dat zich richt op twee kerndoelen: de milieu-impact van de wereldwijde voedselketen verminderen en mensen helpen over te stappen op gezondere voeding. Ofwel, de toezegging in om voor 2023 een ontbossingsvrije toeleveringsketen te realiseren, plus de belofte dat voor 2039 honderd procent van de plastic verpakkingen herbruikbaar, recyclebaar of composteerbaar is. Mensen helpen om over te stappen op gezondere voeding doet het bedrijf door de hoeveelheid producten dat voedzame voeding levert te verdubbelen. En door het aantal calorieën en de zout- en suikergehaltes in de producten te verlagen.

De Nederlandse consument wil vooral gezonder en bewuster leven.

Om deze doelstellingen écht concreet te maken, maakte Unilever Benelux de doorvertaling naar de lokale markt. ‘We innoveren tenslotte altijd op lokale consumentenbehoeftes’, verduidelijkt Van Beek. Met een hele duidelijke rol voor de divisies Foods, Beauty & Personal Care en Home Care. ’De Nederlandse consument wil vooral gezonder en bewuster eten en leven’, vertelt de VP Sales. ‘Nu meer dan ooit. Het is niet aan ons om te bepalen wat mensen willen eten, wel om gezonde en plantaardige alternatieven voor iedereen beschikbaar te maken.’

Beter, minder en geen vlees

Alternatieven als vleesvervangers van De Vegetarische Slager, bijvoorbeeld. Met inmiddels meer dan dertig SKU’s één van de grootste aanbieders van plantaardige vleesvervangers in Nederland. ‘Zo’n vijf procent van de Nederlanders eet vegetarisch’, legt Van Beek uit. ‘Dat is nog relatief weinig. Zestig procent is daarentegen flexitariër en vijfentachtig procent geeft aan minder vlees te willen eten. Aan deze groeiende vraag voldoen wij door een ruim assortiment alternatieven voor vlees te bieden en tegelijkertijd draaien we het om: omdát er smaakvolle alternatieven zijn, kiezen consumenten vaker voor vleesvervangers.’

Het vleesassortiment van Unox gaat Unilever opdelen in drie pijlers: beter, minder en geen. ‘We zorgen we dat het vlees dát we gebruiken beter is, dus honderd procent Beter Leven. We gebruiken waar we kunnen kippenvlees, dat minder belastend is voor het milieu. Daarnaast biedt Unox alternatieven met zowel vlees als groente, zoals de nieuwe chipolataworstjes, waar een deel van het vlees vervangen is door kidneybonen en paprika. Uiteindelijk willen we uitkomen op een 50/50 balans van dierlijke versus plantaardige eiwitten in de producten van Unox.’

Meer groenten

Met de combinatie vlees-groenten speelt Unilever tevens in op de doelstelling consumenten meer groenten te laten eten. ‘Van veel consumenten een wens, maar tegelijkertijd een streven dat niet altijd even goed wordt gehaald. Daarom bevatten onze Unox-soepen vanaf 2022 minimaal 140 gram groenten, is in 2025 het aantal vegetarische soepen gegroeid van 40 naar 60 procent van het totaal en bieden de Knorr Wereldgerechten al standaard 200 gram groenten per portie.’

Dat dit werkt, blijkt uit de cijfers. ‘Dertig procent van de mensen die onze maaltijden koopt, doet dit met als hoofdreden om meer groeten binnen te krijgen. Dat zijn toch zo’n vijfentwintig miljoen verpakkingen per jaar.’ Verder hebben we net de Veggie Wraps van Knorr met vijfendertig procent groenten geïntroduceerd. Eind vorig jaar kwamen we met twee varianten, wortel en biet. Deze slaan zo goed aan, dat er binnenkort een derde variant in de schappen ligt.’

1,7 miljoen vegan ijsjes

Binnen vijf tot zeven jaar wil Unilever een jaarlijkse omzet van 1 miljard euro in plantaardige vleesvervangers en zuivelalternatieven behalen, vertelt hij verder. ‘In Nederland betekent dit dat ongeveer 10 tot 15 procent van de food-omzet uit plantaardig moet gaan komen.’

Deze groei wordt gestimuleerd door verdere uitrol van De Vegetarische Slager en door uitbreiding van het percentage vegan alternatieven van merken als Unox, Hellmann’s, ‘maar je ziet het ook heel duidelijk terug in het Refreshment-portfolio, met bijvoorbeeld Magnum en Ben & Jerry’s.’ De verschillende ijsmerken in het portfolio van Unilever bevatten al meerdere vegan smaken en deze slaan goed aan, kan Van Beek zeggen. ‘Wereldwijd zijn er vorig jaar 1,7 miljoen vegan ijsjes verkocht. Dat zijn toch duidelijke cijfers.’

De smaak zit goed, verklaart hij de populariteit. ‘Daarom schakelt de consument makkelijker en sneller over. Ikzelf incluis, want ik was best sceptisch over de eerste vegan Magnum-variant. Maar.. ik moet toegeven dat ik het direct lekker vond!’

Bouillon zonder zout

Op die sceptische houding heeft de VP Sales zichzelf het laatste jaar vaker betrapt, geeft hij toe. ‘Ik krijg regelmatig producten opgestuurd voor ze op de markt komen, en dan trek ik weleens mijn wenkbrauw op als ik zo’n pakketje openmaak.’ Een pakketje met zoutloze bouillonblokjes van Knorr, bijvoorbeeld. ‘Snij je zo’n doos open, zit er een kleurloos doosje in, zonder opdruk, en dan is het ook nog eens bouillon zonder zout: dé smaakmaker van zo’n product! Toch was ik uiteindelijk echt verrast. Op basis van uitsluitend kruiden is men er in Wageningen in geslaagd om een heel smaakvol alternatief te ontwikkelen.’

Doelen

Tegen 2030 wil Unilever helpen om 1,5 miljoen hectare land, bossen en oceanen te beschermen en te vernieuwen. Meer land dan nodig is om de hernieuwbare ingrediënten te verbouwen die in de beauty- en persoonlijke verzorgingsproducten van Unilever worden gebruikt, en daarmee een enorme uitdaging. Eerder al, tegen 2025, moet al het plastic in de verpakkingen van de verzorgingsproducten recyclebaar, herbruikbaar of composteerbaar zijn.

Minder zout en suiker

Het Unilever Global Foods Innovation Centre op de Wageningen Campus speelt namelijk een belangrijke rol in alle innovaties en renovaties van het voedingsmiddelenportfolio van het concern, zoals producten met minder zout en suiker. Unilever werkt al jaren aan de reductie hiervan, vertelt Van Beek, en dit proces is on-going.

‘Het verlagen van het zout- en suikergehalte en het tegelijkertijd smaakvol houden van producten is namelijk nog niet zo simpel’, legt hij uit. ‘Dat kost tijd. Met de kennis die we inmiddels hebben, zijn we echter al een heel eind op stoom. Aan het eind van dit jaar gaat 85 procent van ons wereldwijde voedingsmiddelenportfolio consumenten helpen hun zoutinname te verminderen, tot wel 5 gram per dag. En in 2025 bevat 95 procent van ons verpakte ijs niet meer dan 22 gram aan suiker en 250 Kcal per portie.’

Wat is normaal?

Met de Personal Care-divisie richt Unilever zich de komende tijd actief op het vergroten van een positief zelfbeeld. ‘Body positivity speelt hier een belangrijke rol in’, verklaart Van Beek. ‘Net als inclusie (het betrekken van iedereen in de samenleving, ongeacht huidskleur, sekse, religie en seksuele voorkeur, red.), door middel van unstereotyping in producten en advertenties.’ Recent voorbeeld hiervan is de keuze om te stoppen met het gebruik van het woord ‘normaal’ op verpakkingen en in reclame-uitingen van alle schoonheids- en verzorgingsproducten. En het stoppen met het digitaal bewerken van oneffenheden en lichaamsvormen in advertenties.

Unilever richt zich de komende tijd actief op het vergroten van een positief zelfbeeld.

Ook weer een duidelijk voorbeeld van het feit dat Unilever daadwerkelijk luistert naar de consument, legt hij uit. ‘Een peiling onder tienduizend mensen wereldwijd gaf aan dat meer dan de helft zich buitengesloten voelt door het woord ‘normaal’ als beschrijving van haar of huid. 70 procent meende zelfs dat het gebruik van dit woord in advertenties negatieve gevolgen heeft. Daarom hebben we besloten dit woord te schrappen en in plaats daarvan de nadruk te leggen op omschrijvingen als ‘hydraterend’, ‘verzorgend’ en ‘voor grijs haar’.’

Een besluit dat Unilever zowel lof als kritiek opleverde, geeft hij toe. ‘Ik heb er zelf ook even over gediscussieerd met de vriendin van mijn zoon, omdat ik me afvroeg of dit niet te ver ging. Desalniettemin kiezen we ervoor om de discussie echt los te trekken en de beweging naar inclusiviteit te forceren. Inmiddels kan ik ook oprecht zeggen dat ik hier heel trots op ben.’

Een dierproefvrije wereld in 2023

Eveneens een belangrijk onderdeel in het welbevinden van mensen is de wetenschap dat de verzorgingsproducten die zij gebruiken dierproefvrij zijn. ‘Vanzelfsprekend zijn al onze producten dit ook’, benadrukt Van Beek. ‘Drieëntwintig van onze beauty- en persoonlijke verzorgingsmerken zijn al door PETA goedgekeurd en andere zijn bezig het certificaat te verkrijgen.’ Bovendien steunt Unilever een wereldwijd verbod op dierproeven voor cosmetica vanaf 2023. ‘Een offensief van de milieucommissie van het Europees Parlement’, legt de VP Sales uit. ‘Dit doen we door samen te werken met wetgevers, dierenbeschermingsorganisaties en gelijkgestemde bedrijven.’

Geen fossiele brandstoffen meer

Focuspunt in het verduurzamen van de Home Care-divisie is de reductie van het gebruik van fossiele brandstoffen. ‘Vanaf 2030 bevatten onze was- en schoonmaakproducten zelfs helemaal geen fossiele brandstoffen meer’, vertelt Van Beek. ‘Deze vormen namelijk maar liefst 46 procent van de totale CO2-afdruk van deze producten. Met het gebruik van hernieuwbare of gerecycleerde koolstofbronnen, verlagen we de footprint van onze schoonmaakmiddelen met zo’n twintig procent.’

In 2039 wil Unilever volledig koolstofneutraal zijn. Om dit te bereiken, investeert het concern een miljard euro. ‘Dit geld wordt gebruikt voor biotechnologisch onderzoek, en ontwikkeling en innovatie op het gebied van circulaire reinigingschemie’ legt hij uit. ‘En voor het ontwikkelen van alternatieven voor plastic, om in 2025 het gebruik van nieuw vervaardigd plastic te kunnen halveren. Al deze research wordt gedeeld met andere bedrijven.’

Mooie ideeën en kritische vragen

In dit gesprek komen bij lange na niet alle duurzaamheidsinitiatieven en stappen op sociaal maatschappelijk vlak aan bod, realiseert de VP Sales zich. ‘Maar het geeft wel een beeld van wat we doen en hoe we het doen.’ Inmiddels zijn de verschillende visies geland bij de mensen van Unilever die het in de praktijk moeten brengen. ‘En goed’, vervolgt hij. ‘Veel mensen werken bij ons omdat ze onze filosofie en werkwijze belangrijk vinden en staan hier ook echt achter. Dat levert mooie ideeën en initiatieven op én een kritische blik! Onze medewerkers denken mee en stellen vragen, dat vind ik heel tof.’

De kritische vragen neemt het bedrijf dan ook mee in het ontwikkelen en verbeteren van producten. ‘Die worden hier alleen maar beter van.’ En tegelijkertijd leggen directie en management hun visies goed uit. ‘Door veel te herhalen en inhoudelijk te beargumenteren waarom je iets gaat doen, creëer je een stevig fundament voor het in de praktijk brengen van je doelstellingen.’

‘Kom ik weer uit op Paul Polman (lacht) -die man blíjft me achtervolgen!-. Het begint met uitspreken, daarna moet je het concreet maken en het vervolgens daadwerkelijk doen.’ Het concern is er nog niet, nuanceert de VP Sales tot slot. ‘Om al deze doelen te bereiken is een lange adem en inspanning nodig, niet in de laatste plaats omdat we groot zijn. Maar omdát we groot zijn, heeft wat we doen echt impact, en dat motiveert enorm!’

Dit artikel is gesponsord door Unilever