nieuws

Van Meel: ‘Spring geen gat in de lucht’

Branche & Bedrijf 4516

Van Meel: ‘Spring geen gat in de lucht’
Foto: Peter Roek

MADE – Voorman Twan van Meel van de Albert Heijn-franchisers springt naar eigen zeggen ‘begrijpelijkerwijs geen gat in de lucht’. Hij reageert op de uitspraak van het Gerechtshof in hoger beroep in de door de franchisers verloren procedure tegen Albert Heijn.

De voorzitter van de Vereniging van Albert Heijn Franchisers is natuurlijk teleurgesteld door de uitspraak, zegt hij in een eerste reactie aan Distrifood. Hij wil echter nog niet te veel zeggen. ‘We moeten eerst rustig de stukken bestuderen. We kregen de uitspraak vanmorgen binnen en nemen de tijd om hierop te reageren.’

Franchisers komen nog bijeen

Volgens Van Meel komt er zeker nog een bijeenkomst om over de uitspraak te praten. ‘We gaan zeker samenkomen, maar dat moet allemaal nog geregeld worden. Het was niet helemaal zeker dat de uitspraak ook daadwerkelijk vandaag zou komen. Het Hof had de datum van de uitspraak met een slag om de arm genoemd. Het leven gaat bovendien gewoon door, dus er zijn op dit moment een paar mensen gewoon met vakantie.’

Waarschijnlijk einde aan procedure tegen Albert Heijn

Met de uitspraak van het Hof komt de juridische procedure tussen de franchisers en het moederbedrijf waarschijnlijk ten einde. ‘Een verder hoger beroep is zeer onwaarschijnlijk’, aldus Van Meel. De franchisers hielden eerder ook lange tijd hoop dat het hoger beroep niet nodig zou zijn en er in onderling overleg met Albert Heijn een oplossing mogelijk zou zijn.

Oorspronkelijke zaak diende in september 2016

De rechtbank in Haarlem wees in september 2016 een rechtszaak tegen Albert Heijn rond de zogenoemde onverdeelde marge af. In januari 2017 melde de VAHFR in hoger beroep te gaan. Dit diende uiteindelijk afgelopen april in Amsterdam. Kern van de zaak was dat AH zich in de ogen van de franchisers via allerhande trucs onttrok aan een eerlijke verdeling van de marge.

Albert Heijn zou winsten niet eerlijk delen

Daardoor zouden franchisers te veel betalen voor hun producten. De franchisers claimden verder dat de marktleider sommige kosten dubbel oplegde, de winst over huisblad Allerhande en de Bonusfolder niet deelde en bonussen van toeleveranciers niet doorspeelde. Daarbij eisten zij inzicht in de boeken van Albert Heijn, met name over de periode 2008-2012 om meer inzicht te krijgen in het handelen van het moederbedrijf, bijvoorbeeld bij het in rekening brengen van inkoopprijzen.

Hof besliste in het voordeel van Albert Heijn

Het Hof ging hier uiteindelijk dus niet in mee en besliste vanmorgen in het voordeel van Albert Heijn.

Reageer op dit artikel