nieuws

RvS: ‘Geluid winkelkar hoort bij super’

Branche & Bedrijf 2186

RvS: ‘Geluid winkelkar hoort bij super’
Archieffoto: Distrifood

EIJSDEN – Met een uitspraak van de Raad van State is een einde gekomen aan een jarenlang gevecht tussen Lidl en inwoners van het Limburgse Eijsden. Volgens de hoogste instantie in het bestuursrecht hoort het geluid van winkelkarren bij een supermarkt.

Omwonenden van de Lidl-vestiging in het dorp klagen al jarenlang over het geluid dat de winkelkarren van Lidl maken op de straten rondom het filiaal in winkelcentrum De Breust in Eijsden.
De kwestie speelt sinds oktober 2015. Destijds verleende de gemeente Eijsden-Margraten een vergunning aan de discounter voor een overdekte ‘winkelwagentjesopvang’ met plek voor 124 winkelkarren. Omwonenden maakten hier aanvankelijk met succes bezwaar tegen. In de zomer van 2017 gaf de gemeente echter definitief een vergunning af voor de winkelwagenopvang.

Wagentjes met rubberen wieltjes

Het bezwaar van de omwonenden richtte zich op de geluidsoverlast die de karretjes met zich mee zouden brengen. Volgens de gemeente echter zou het met de overlast wel meevallen, omdat de wagentjes voorzien zijn van rubberen wieltjes. De gemeente liet hiervoor zelfs een onderzoek uitvoeren, waarbij de wagentjes op een glad oppervlak reden. De omwonenden lieten hierop een contra-expertise uitvoeren, waaruit bleek dat de wagentjes op de klinkers rondom het winkelcentrum veel meer lawaai maken dan op een gladde ondergrond. En hoewel de gemeente die uitkomst erkende, deed dat niet af aan het besluit de vergunning te verlenen.

Belang van Lidl weegt zwaarder dan omwonenden

Nadat eerder al een rechtbank meeging in de beslissing van de gemeente, deed de Raad van State dat deze week ook. Het hoogste bestuursorgaan vindt dat het besluit van de gemeente weliswaar niet helemaal in orde is, maar acht dit niet cruciaal. Volgens de Raad zou de overlast niet meer of minder zijn bij een correcte procedure. De RvS vindt het belang van Lidl zwaarwegender, aangezien een supermarkt nou eenmaal niet zonder winkelwagentjes kan. Ook is er volgens de Raad geen goede alternatieve plek voorhanden.

Jurisprudentie

Met de uitspraak van de Raad van State is jurisprudentie ontstaan waar supermarkten in vergelijkbare zaken mogelijk succesvol een beroep kunnen doen.

Reageer op dit artikel