VWA ontkent falende controles op supers

DEN HAAG - De Voedsel- en Waren Autoriteit spreekt tegen dat de voedselveiligheid in supermarkten in gevaar is, zoals dinsdag in een aantal GPD-bladen werd gemeld.
Delen:

Ook ontkent de VWA dat ze nauwelijks meer toekomt aan

inspecties van de voedselveiligheid. De VWA doet jaarlijks zo’n 6.000 inspecties

bij supermarkten in Nederland. De VWA benadrukt dat de eerste

verantwoordelijkheid voor de verkoop van de producten bij de supermarkt zelf

ligt. Deze moet ervoor zorgen dat de klant zeker kan zijn dat hij veilige

producten koopt. Overigens kan de klant, aan de hand van het label, zelf

beoordelen of het product over datum is.

Houdbaarheid producten

Bij de controle op de voedselveiligheid moet een onderscheid worden gemaakt

tussen producten met op het label ‘te gebruiken tot’ en producten met op het

label ‘ten minste houdbaar tot’, zo stelt de voedselveiligheidsinspectie in een

verklaring. In het eerste geval gaat het om verse producten als vlees en

vis, die gekoeld bewaard moeten worden of binnen vijf dagen moeten worden

geconsumeerd. Deze producten mogen niet worden verkocht na de uiterste datum.

Met ‘ten minste houdbaar tot’ geeft de producent aan tot welke datum hij de

‘kenmerkende eigenschappen’ garandeert. Na deze datum mogen deze producten wel

worden verkocht, mits ze nog steeds veilig zijn.

Verantwoordelijkheden VWA

Het is de verantwoordelijkheid van de verkoper dit te kunnen aantonen. De

VWA controleert of supermarkten zich aan het voedselveiligheidssysteem houden.

Op grond van recente inspecties bepaalt de VWA of filialen van een bedrijf

voldoen aan de eisen van de Nederlandse Warenwet. Als de supermarktketens de

regels voldoende naleven, krijgen ze een lichter toezichtregime.

Lees ook:

Controle

VWA op super schiet tekort

VWA:

veel fouten met regels voedselveiligheid

VWA:

‘wie zoet is krijgt lekkers’ werkt

VWA

snijdt in eigen omvang